Meer impact vraagt meer schaal
Aan straffe ideeën geen gebrek in de circulaire economie. Wel aan schaal. Daarom verzamelden op 28 mei zo’n 80 ondernemers, beleidsmakers, onderzoekers en changemakers op de actiedag ‘Samen versnellen’. Eén centrale vraag: hoe maken we huren, delen en repareren toegankelijker, gebruiksvriendelijker en groter in Vlaanderen?
Het resultaat: een namiddag vol openhartige getuigenissen, ambitieuze plannen en pittige discussies over wat nodig is om de stap van pionieren naar opschalen te zetten.
Het verloop van de actiedag:
- Keynote door Caroline Baeten (Dressr) en Clio Gydé (Xandres) over Data Driven Dressing
- Keynote door Lieven D’hont met inspiratie uit Living Lab 2: heen-en-weer logistiek betaalbaar en betrouwbaar maken
- Werktafels rond versnellende maatregelen voor huren, delen en repareren
- Wrap-up en doorkijk naar de volgende actiedag op 24 september door Elmar Willems van OVAM
Dressr en Xandres: waarom data de sleutel is tot circulaire mode
Mochten de spits afbijten: Caroline Baeten, oprichter van kledingverhuurbedrijf Dressr en Clio Gydé, sustainability manager bij luxemerk Xandres. Hun boodschap? Kledingverhuur draagt niet alleen bij aan een duurzamer modesysteem, het is ook een bron van waardevolle inzichten voor producenten.
Samen met Thomas More Hogeschool onderzoeken beide organisaties hoe kleding langer kan meegaan. Want hoe meer draagbeurten een kledingstuk krijgt, hoe kleiner de nood aan nieuwe grondstoffen.
Dressr verhuurt designerkleding van meer dan zestig merken en werkt daarbij met een consignatiemodel. De kleren blijven dus eigendom van de modemerken, Dressr vergoedt hen enkel wanneer er stukken uit de collectie verhuurd (of verkocht) worden. Maar die samenwerking levert de merken veel meer op dan alleen verhuurinkomsten.
“Wij lanceerden net een dataplatform dat partnermerken realtime inzicht geeft in hoe hun kleding presteert”, vertelde Caroline Baeten. “Van de leeftijd en locatie van huurders tot een blik op de populairste stukken.”
“Tweedehandskledij kopen is ondertussen ingeburgerd, maar kleding huren nog niet. Daarvoor is een enorme mental shift nodig.”
Caroline Baeten, Dressr
Voor Xandres levert de samenwerking inzichten op die klassieke verkoop nooit kan bieden. Uit een bevraging van hun bestaande klanten bleek dat die niet geïnteresseerd waren om Xandres-kledij te huren. Maar Dressr bewijst dat er wél degelijk een markt is. “De huurmarkt is voor ons een volledig nieuw segment”, aldus Clio Gydé. “Dankzij die data leren we nieuwe klanten kennen, maar krijgen we ook een veel betere kijk op de kwaliteit van onze producten. We weten hoe vaak een kledingstuk gedragen wordt, waar slijtage optreedt en wanneer herstel nodig is. Die inzichten helpen ons om sterkere collecties te ontwerpen die langer meegaan.”
Caroline Baeten bracht ook een eerlijke boodschap: “Kleding verhuren is geen gat in de markt. Tweedehandskledij kopen is ondertussen ingeburgerd, maar kleding huren nog niet. Daarvoor is een enorme mental shift nodig. Zonder grote investeringen of sterke ondersteuning van de overheid blijft die gedragsverandering moeilijk.”
Dressr is vandaag nog niet break-even en combineert daarom zijn verhuurmodel met de verkoop van ‘preloved’ kleding. Een pragmatische keuze die veel herkenning opriep bij de luisteraars in de zaal.
“Sterk dat Caroline zo open vertelt over de uitdagingen”, reageerde Pelle Ferdinande van Eacend. “Het toont dat circulaire en lineaire modellen vandaag soms naast elkaar moeten bestaan om financieel leefbaar te blijven.”
Lieven D’hont over logistiek: “Samenwerken maakt heen-en-weer logistiek betaalbaar en betrouwbaar”
Gedeeld gebruik is nog niet doorgebroken omdat de logistiek een bijzonder uitdagende onderneming blijft. Dat was de kern van het betoog van Lieven D’hont van Wij Delen, mede-initiatiefnemer van de Green Deal Huren en Delen. “Anders dan in een lineair model moet een gehuurd of gedeeld product heen en weer bewegen tussen gebruiker en aanbieder. Dat maakt gedeeld gebruik vaak complexer en duurder.”
“Door samen te werken kunnen we puzzelstukken samenleggen die individuele organisaties nooit alleen gelegd krijgen.”
Lieven D’hont, Wij Delen
Volgens D’hont ligt een deel van de oplossing niet in nieuwe infrastructuur, maar in het slimmer benutten van bestaande netwerken. “We moeten niet alles zelf uitvinden. De capaciteit is er al. Denk aan pakjesdiensten, lockersystemen, samenwerking met sociale ondernemingen zoals maatwerkbedrijven, afvalophaling of bestaande distributienetwerken. Wat ontbreekt, is afstemming.”
Daarom bouwt Wij Delen via het Living Lab Circulaire Logistiek Vlaanderen aan een organisatie die partijen samenbrengt, afspraken op elkaar afstemt en werkt aan gemeenschappelijke infrastructuur. Niet vanuit een eigen winstoogmerk, maar vanuit een gezamenlijke kosten-batenanalyse die het individuele belang overstijgt. De ambitie? Een neutrale ‘orchestrator’ oprichten die de logistieke stromen tussen verschillende organisaties coördineert.
“Het is zwoegen”, geeft D’hont toe. “Maar door samen te werken kunnen we puzzelstukken samenleggen die individuele organisaties nooit alleen gelegd krijgen.”
Werktafels: veel vragen, veel energie
Na de plenaire sessies verspreidden de deelnemers zich over verschillende werktafels. In kleine groepen gingen ze aan de slag rond concrete uitdagingen uit de praktijk. Ze dachten onder andere samen na over schaalbare logistieke oplossingen, over concrete beleidsmaatregelen die huren en delen kunnen versterken, over hoe de nieuwe digitale huur- en deelkaart deelinitiatieven zichtbaarder kan maken, over hoe de videocampagnes en podcast rond huren en delen meer mensen kan bereiken.
Pasklare antwoorden waren er niet altijd. Vaak ontstonden net nieuwe vragen. Maar precies daarin lag de waarde van de sessies. Er werd gedebatteerd, ervaringen uitgewisseld en verbanden tussen verschillende initiatieven gelegd.
“Het geeft een enorme energieboost om te connecteren met gelijkgestemden”, zegt Benoit Ruysschaert van Stad Hasselt. “Je merkt dat heel verschillende organisaties vaak met exact dezelfde uitdagingen worstelen.”
Ook Lotte Vandermeersch van VLAIO keek tevreden terug:
“Zeer inspirerend om te zien hoe vanuit verschillende invalshoeken naar dezelfde drempels wordt gekeken. En chapeau voor de organisatoren die blijven duwen en trekken om stap voor stap dichter bij een circulaire economie te komen.”
Uitdagingen en ambitie aan elkaar gewaagd
De actiedag maakte één ding duidelijk: de ambitie is groot, maar de uitdagingen zijn dat ook.
Gedragsverandering blijft moeilijk. Logistiek blijft een struikelblok. En veel circulaire initiatieven zoeken nog naar een rendabel model.
Toch overheerste aan het einde van de dag vooral optimisme. Want als er één rode draad doorheen alle gesprekken liep, dan was het deze: niemand moet deze transitie alleen maken.